Julie Kegels: Belgisch fashion talent verovert de wereld!

Begin september won de Antwerpse ontwerpster Julie Kegels de LVMH Prize, de belangrijkste prijs voor jong modetalent ter wereld. Indien u niet vertrouwd bent met de fashion wereld: dit is een prestatie die kan tellen. Wist je trouwens dat wij Belgen ook in de automobielwereld enkele designtoppers hebben?

Een label dat nog maar twee jaar bestaat, een cheque van 400.000 euro, en Jennifer Lawrence die de prijs overhandigt. Voor Julie Kegels was vrijdag 4 september geen gewone werkdag. In de Fondation Louis Vuitton in Parijs kreeg de 27-jarige Antwerpse de LVMH Prize for Young Fashion Designers. Die prijs wordt jaarlijks uitgereikt door de luxegroep achter onder meer Louis Vuitton, Dior en Moët Hennessy. Kegels haalde het van zo’n 2.400 kandidaten.
In de laatste ronde stond ze tegenover acht andere finalisten, voor een jury met namen als Jonathan Anderson, Marc Jacobs en Stella McCartney. Naast het geld krijgt ze een jaar lang begeleiding van experts uit de LVMH-groep.

Van de Academie naar de wereldtop

Kegels studeerde aan de Antwerpse Modeacademie en richtte haar eigen label op in 2024. Sindsdien droegen onder meer Dua Lipa, Demi Lovato en Rosalía haar ontwerpen, en hangen haar collecties in boetieks in Europa, Azië en de Verenigde Staten. Haar werk draait rond de vrouwelijke garderobe. Ze neemt vertrouwde klassiekers uit elkaar en zet ze met een scheve knipoog weer in elkaar: sculpturale silhouetten, onverwachte lagen, eigenzinnige prints.

Opvallend genoeg prees de jury niet alleen haar creativiteit, maar ook haar zakelijke plan. Helemaal toevallig is dat niet. Kegels is de dochter van Xavier Kegels, de oprichter van Kipling en Hedgren. Wie ooit een rugzak met een pluchen aapje kocht, heeft dus onrechtstreeks al in de familie geïnvesteerd.

Een land zonder automerk, vol autodesigners

 

Ook in de automobielwereld doen Belgen het opvallend goed in de designdepartementen. Net als in de mode wordt het talent hier opgeleid en maakt het vervolgens carrière in Parijs, München of Seoel.

Luc Donckerwolke tekende de Lamborghini Murciélago en Gallardo en leidde daarna het design bij Bentley, Audi en Škoda. Vandaag is hij President en Chief Creative Officer van de Hyundai Motor Group en Genesis. Hij stuurde ook het ontwerp van de GMR-001, de hypercar waarmee Genesis dit jaar debuteerde in Le Mans. Bij Kia tekent Jochen Paesen de lijnen uit. De Limburger werkte bij Volkswagen, BMW en NIO voor hij in 2020 naar Kia trok. Vanuit Seoel leidt hij er nu de Future Design Group, die bepaalt hoe de Kia’s van overmorgen eruitzien. Zijn baas is trouwens Donckerwolke. Twee Belgen die in Korea over de toekomst van Koreaanse merken vergaderen, dat is op zijn minst opmerkelijk.

Jo Stenuit begon net als Kegels in Antwerpen, met een opleiding productontwerp. Na Philips, Volvo en Opel belandde hij in 1998 bij het Europese designcentrum van Mazda in Oberursel. Sinds 2018 is hij er Design Director en bewaakt hij de Kodo-designfilosofie van het merk.

Pierre Leclercq, ten slotte, tekende bij BMW mee aan de X5, leidde later BMW M-design en bouwde in China het designteam van Great Wall uit. Sinds 2018 is hij designbaas bij Citroën. Daar wacht hem de meest beladen opdracht uit zijn loopbaan: de terugkeer van de 2CV, volledig elektrisch, onder 15.000 euro en vanaf 2028 in productie. Een eerste voorproef volgt in oktober op het Autosalon van Parijs. Dat is opvallend voor iemand die jarenlang weinig ophad met neo-retro.

"Wie de volgende keer twijfelt tussen twee bedrijfswagens, mag gerust weten dat er aan de tekentafel wel eens een Belg gezeten heeft."

Meer gemeen dan je denkt

 

Mode en autodesign lijken twee werelden, maar ze overlappen meer dan je denkt. Elke designstudio heeft een afdeling Colour, Material & Finish die zich bezighoudt met textiel, stiksels, leder en kleurpaletten. Jochen Paesen was bij Kia jarenlang wereldwijd verantwoordelijk voor precies dat domein.

Het grote verschil is het tempo. Een modeontwerper presenteert twee collecties per jaar, een autodesigner werkt vier tot vijf jaar aan één model. Toch is het vertrekpunt vaak hetzelfde. Kegels haalt een klassieke trenchcoat of blazer onderuit, Leclercq giet een icoon uit 1948 in een elektrische jas. In beide gevallen neem je een archetype en herschrijf je het, zonder dat het onherkenbaar wordt.

En beide verhalen spelen zich deze herfst in Parijs af: het ene op de catwalk, het andere op de beursvloer van het Mondial de l’Auto. Of er ooit een Julie Kegels-editie van een Citroën komt, weten we niet. Maar wie de volgende keer twijfelt tussen twee bedrijfswagens, mag gerust weten dat er aan de tekentafel wel eens een Belg gezeten heeft.